en zijn mysteries JEF

Het mysterie van de dichtgemetselde deur

We zijn een marktdag verder en dus weer tijd voor m’n après- boodschappen verzetje. ‘Kijk, Jef,’ zegt Jolande terwijl ze het perfect geschonken biertje voor me neerzet, ‘ik heb het servetje van onze onbekende kunstenaar laten inlijsten. Daar hangt het, naast de staande klok. Ik vond het toch te mooi en te origineel om het gewoon in een lade te bewaren.’ ‘Ja, dat begrijp ik, Jolande. Heb je al reacties gehad van klanten?’ ‘Jazeker. Iedereen vindt dit een prachtstuk. Maar daar stopt de gelijkgezindheid. De theorieën over die ingebeelde deur liggen nogal ver uit elkaar.’ ‘Hoe bedoel je?’ ‘Wel, iedereen vraagt zich natuurlijk af of die man, dat koppel eigenlijk, ooit in Bosduin gewoond heeft. Misschien was er vroeger wel een deur, dat weten we niet. Ikzelf heb sinds ik de uitbating overgenomen heb, niets aan het interieur gewijzigd. Geen verbouwingen, zelfs geen nieuwe meubeltjes. Een likje verf hier en daar, meer niet. Neen, de onenigheid gaat vooral over wat er achter die ingebeelde deur zou kunnen zitten.’ Plots vliegt de deur van De Postiljon met zo’n bruut geweld open dat de kopjes op het rek achter de toog ervan rinkelen. Een gure windvlaag stormt naar binnen, op de voet gevolgd door Fons De Coster. De 62-jarige koster — hij heeft z’n naam niet gestolen — van de Sint Willembertuskerk. Hij heeft een rond gezicht met een grijze snor, die trilt wanneer hij pret heeft en dat is meestal zo. Rimpeltjes rond de ogen verraden zijn levenslust. Hij draagt altijd een pet, een Franse baret, die permanent scheef staat. ‘Goeie morgen deze morgen!’ buldert hij door het café. ‘Ah! Alle toogpissers, roddeltantes en verdachten van zatlapperij die ik hier elke woensdag aantref, zijn weer present zie ik! Iedereen kijkt eerst opschrikt en dan hoofdschuddend met een glimlach naar deze volkse dorpsfilosoof die luidruchtig, dominant, maar tegelijk geliefd genoeg is zodat niemand hem zijn brute “Grand Entree” kwalijk neemt. ‘Fons, jij ongelikte beer!’ doet Jolande alsof ze kwaad is, ‘kan jij niet eens gewoon binnenstappen zonder telkens de voordeur uit de hengsels te lichten!’ ‘Sorry, m’n Hollands viooltje, maar nu is iedereen wel weer wakker en hebben ze dringend een drankje nodig om van de schrik te bekomen. Goed voor uw klandizie en geef me er ook eentje als ge toch bezig zijt.’ Jolande gaat morrend en hoofdschuddend zijn pintje tappen. ‘Ah! De Jef! Hoe gaan de zaken jongeman? Weer een kieken
gekocht op de markt zie ik. Gij gaat nog eens pluimen krijgen als ge niet oppast, kiekenfretter. Hè-hè!’ ‘Hé Fons,’ zeg ik, ‘heb je dat servetje aan de muur al zien hangen?’ ‘Ja mijne joengene,’ zegt Fons terwijl hij ongevraagd maar niet onwelkom neerploft op de vrije stoel aan m’n tafeltje. ‘Ik dacht eerst dat Jolande haar muren ging behangen met het tafelafval, tot ik het van dichtbij ging bekijken.’ ‘En?’ ‘Ja, ze heeft het me verteld, van die onzichtbare deur die plots opgedoken is. Straf hé! Zou die vent wéten of er ooit een deur gezeten heeft of was het een soort “artistieke vrijheid”?’ ‘Er hééft een deur gezeten,’ zegt iemand plots aan een tafeltje naast ons. We draaien ons alle twee verbaast om en zien Elias Van Gorp zitten, de voorzitter van de Heemkundige Kring Campania. Hij kijkt ons ernstig en hoofdknikkend aan. ‘Zo, Elias, je weet dat precies zo zeker?’ ‘Absoluut, ik ben niet voor niets heemkundige, nietwaar?’ ‘Oei, zegt Fons, ‘en ge gaat nog op uw strepen staan ook, zo te horen.’ ‘Er zat een deur en die zit er nog,’ beweert Elias ten stelligste. Jolande is er ondertussen komen bijstaan. ‘Zo, Elias, jij weet er precies méér van? Vertel!’
deel 2
Jef Vandepoele, amateurspeurder, verteller en hoofdpersonage uit de boekenreeks ‘Kempense Dorpsdetectives’, vertelt hier een reeks bijna echt gebeurde verhalen over mysteries die Bosduin in de ban hielden… tot de Jef ze kon oplossen…
Het huis van Uitgeverij / imprint: Noorderkempen Cosy Crime Press
Creatief Koken de              passie kookvurige
privacy beleid
dorpsdetectives met pantoffelsuspense
Vlaamse Cosy Crime Mysteries
Vlaamse Cosy Crime Mysteries
cosycrime.be Het huis van Uitgeverij / imprint: Noorderkempen Cosy Crime Press
Het Menu - klik en kijk
We zijn een marktdag verder en dus weer tijd voor m’n après-boodschappen verzetje. ‘Kijk, Jef,’ zegt Jolande terwijl ze het perfect geschonken biertje voor me neerzet, ‘ik heb het servetje van onze onbekende kunstenaar laten inlijsten. Daar hangt het, naast de staande klok. Ik vond het toch te mooi en te origineel om het gewoon in een lade te bewaren.’ ‘Ja, dat begrijp ik, Jolande. Heb je al reacties gehad van klanten?’ ‘Jazeker. Iedereen vindt dit een prachtstuk. Maar daar stopt de gelijkgezindheid. De theorieën over die ingebeelde deur liggen nogal ver uit elkaar.’ ‘Hoe bedoel je?’ ‘Wel, iedereen vraagt zich natuurlijk af of die man, dat koppel eigenlijk, ooit in Bosduin gewoond heeft. Misschien was er vroeger wel een deur, dat weten we niet. Ikzelf heb sinds ik de uitbating overgenomen heb, niets aan het interieur gewijzigd. Geen verbouwingen, zelfs geen nieuwe meubeltjes. Een likje verf hier en daar, meer niet. Neen, de onenigheid gaat vooral over wat er achter die ingebeelde deur zou kunnen zitten.’ Plots vliegt de deur van De Postiljon met zo’n bruut geweld open dat de kopjes op het rek achter de toog ervan rinkelen. Een gure windvlaag stormt naar binnen, op de voet gevolgd door Fons De Coster. De 62-jarige koster — hij heeft z’n naam niet gestolen — van de Sint Willembertuskerk. Hij heeft een rond gezicht met een grijze snor, die trilt wanneer hij pret heeft en dat is meestal zo. Rimpeltjes rond de ogen verraden zijn levenslust. Hij draagt altijd een pet, een Franse baret, die permanent scheef staat.
‘Goeie morgen deze morgen!’ buldert hij door het café. ‘Ah! Alle toogpissers, roddeltantes en verdachten van zatlapperij die ik hier elke woensdag aantref, zijn weer present zie ik! Iedereen kijkt eerst opschrikt en dan hoofdschuddend met een glimlach naar deze volkse dorpsfilosoof die luidruchtig, dominant, maar tegelijk geliefd genoeg is zodat niemand hem zijn brute “Grand Entree” kwalijk neemt. ‘Fons, jij ongelikte beer!’ doet Jolande alsof ze kwaad is, ‘kan jij niet eens gewoon binnenstappen zonder telkens de voordeur uit de hengsels te lichten!’ ‘Sorry, m’n Hollands viooltje, maar nu is iedereen wel weer wakker en hebben ze dringend een drankje nodig om van de schrik te bekomen. Goed voor uw klandizie en geef me er ook eentje als ge toch bezig zijt.’ Jolande gaat morrend en hoofdschuddend zijn pintje tappen. ‘Ah! De Jef! Hoe gaan de zaken jongeman? Weer een kieken gekocht op de markt zie ik. Gij gaat nog eens pluimen krijgen als ge niet oppast, kiekenfretter. Hè-hè!’ ‘Hé Fons,’ zeg ik, ‘heb je dat servetje aan de muur al zien hangen?’ ‘Ja mijne joengene,’ zegt Fons terwijl hij ongevraagd maar niet onwelkom neerploft op de vrije stoel aan m’n tafeltje. ‘Ik dacht eerst dat Jolande haar muren ging behangen met het tafelafval, tot ik het van dichtbij ging bekijken.’ ‘En?’ ‘Ja, ze heeft het me verteld, van die onzichtbare deur die plots opgedoken is. Straf hé! Zou die vent wéten of er ooit een deur gezeten heeft of was het een soort “artistieke vrijheid”?’ ‘Er hééft een deur gezeten,’ zegt iemand plots aan een tafeltje naast ons. We draaien ons alle twee verbaast om en zien Elias Van Gorp zitten, de voorzitter van de Heemkundige Kring Campania. Hij kijkt ons ernstig en hoofdknikkend aan. ‘Zo, Elias, je weet dat precies zo zeker?’ ‘Absoluut, ik ben niet voor niets heemkundige, nietwaar?’ ‘Oei, zegt Fons, ‘en ge gaat nog op uw strepen staan ook, zo te horen.’ ‘Er zat een deur en die zit er nog,’ beweert Elias ten stelligste. Jolande is er ondertussen komen bijstaan. ‘Zo, Elias, jij weet er precies méér van? Vertel!’

deel 2

Het mysterie van de dichtgemetselde deur
privacy beleid
JEF en zijn mysteries
Jef Vandepoele, amateurspeurder, verteller en hoofdpersonage uit de boekenreeks ‘Kempense Dorpsdetectives’, vertelt hier een reeks bijna echt gebeurde verhalen over mysteries die Bosduin in de ban hielden… tot de Jef ze kon oplossen…
dorpsdetectives met pantoffelsuspense
Vlaamse  Cosy Crime Mysteries